Blauw
Uitslapen was er helaas niet bij vandaag na een intensieve werkweek. Zoonlief moest voetballen om 08:45 en ik had ‘de eer’ om in een koude, snijdende wind, te mogen vlaggen. Hierna mijn zoon naar zijn moeder gebracht, boodschapjes gedaan en een grote portie kibbeling verorberd. Ik voelde me moe hierna en met nog een optreden in Delft vanavond in ’t vizier, besloot ik een fijn ‘ouwe-lullen-tukkie’ te doen…
De feestelijke opening van een expositie was net voorbij. Mensen kwamen en gingen en terwijl ik even een pauze nam in een lekker warm zonnetje met een Javaanse Jongen en een glas rode wijn, zag ik haar het pand benaderen. De mysterieus mooie dame uit de bus… in een mooi, kobaltblauw zomerjurkje. Een schril contrast met de winterkleren toen ik haar stiekem kiekte. Ze had mooie rondingen waar ik ze graag zie. Ik verstijfde en kon nog net, een hoestbuitje onderdrukkend, een vriendelijk knikje geven om haar te verwelkomen. Ze knikte vriendelijk terug met een mooie glimlach en zei:
‘U lijkt op de foto uit de krant.’
‘Dat kan zomaar kloppen’, was het enige dat ik uit kon brengen terwijl ze naar binnen ging. Shite… mijn knieën knikten onder de rand van mijn stoere kilt…
Ze hing gewoon binnen aan de muur, ingelijst en al! Hoe zou ze reageren als ze zichzelf herkende? Het zweet brak me uit want ik had geen toestemming gevraagd om haar te fotograferen tijdens die vreemde busreis waar ze op dezelfde halte als ik instapte. In mijn achterhoofd had ik wel rekening gehouden dat ze dus uit de buurt zou kunnen komen en er een klein ‘risico’ was, dat ze via de plaatselijke media van deze expositie zou weten. Ik besloot buiten te blijven en nog een shaggie te draaien terwijl ik, net als in de bus, strategisch net langs haar keek door de grote, glazen voorgevel, alsof ik naar de andere bezoekers keek. Ze had een glas rode wijn (ook dat nog… mijn favoriete ‘gif’) gepakt en liep rustig langs de werken aan de muren. Ze bekeek elk werk aandachtig en kwam langzaam maar zeker in buurt van haar eigen portret. Nog één en ze was er…
En daar stond ze dan. Oog in oog met zichzelf en bleef, waar ik al bang voor was, langer staan dan bij de rest van het getoonde. Ze deed een stapje terug, sloeg haar armen over elkaar en bracht vervolgens een hand naar haar kin en stapte daarna naar voren om het portret van dichtbij te bekijken en ik zag haar wenkbrauwen, verbaasd omhoog schieten. De herkenning leek er te zijn. Ze begon om zich heen te kijken en toen ze me zag, nog steeds buiten, stapte ze op me af met iets grotere ogen en haar mond een beetje open. Er waren slechts twee opties. Of ze was ‘pleasantly amused’… of ze kwam me voor m’n bek slaan. Normaal kan ik redelijk goed ogen lezen maar nu had ik daar even de juiste focus niet voor. Ze was nog maar twee meter van me verwijderd toen ik ineens Joe Satriani hoorde met ‘Stars race across the sky’… mijn wekkermuziekje…
Hermanus,
Driebergen, 28 februari 2026.